nmi-moet-blijven.jpg

Toespraak Tweede Kamer-commissie

Op maandag 20 juni bood het Nederlands Muziek Instituut de petitie 'Steun behoud van muzikaal erfgoed' aan bij de commissie van Cultuur van de Tweede Kamer. Frits Zwart, directeur van het NMI, sprak daarbij, in aanwezigheid van Vera Beths en Jeff Hamburg, de volgende woorden:


Geachte commissieleden,

Ik stel het op prijs dat ik het woord tot u kan richten en u dadelijk persoonlijk een petitie kan aanbieden. Om het belang van deze petitie te ondersteunen zijn met mij meegekomen: Jeff Hamburg, componist en voorzitter van het Genootschap van Nederlandse componisten en de violiste Vera Beths die ook nog enkele woorden tot u zal richten. Ook de historici Jan Bank en Hans Blom, de directeur van het Koninklijk Concertgebouworkest, Jan Raes en Henk van der Meulen, directeur van het Koninklijk Conservatorium, waren bereid het belang van een erfgoedinstituut voor muziek te onderstrepen, ware het niet dat zij zich niet vrij konden maken.

Ik heb u vorige week een brief gestuurd. U weet dus wat er speelt. Laat ik met een vraag beginnen. Kunt ú begrijpen dat het begrip muzikaal erfgoed in het nieuwe visiedocument van de staatssecretaris niet voorkomt. Op heel wat bladzijden komt het begrip erfgoed voor, ook met betrekking tot de zorg voor bijvoorbeeld het literair, kunsthistorisch en filmisch erfgoed. Maar het muzikaal erfgoed wordt niet genoemd. Toch bestaat er een Nederlands Muziek Instituut, aangewezen als sectorinstituut voor het muzikaal erfgoed.

Het behoud en beheer van ons muzikaal erfgoed is blijkbaar niet meer vanzelfsprekend. Dat geldt overigens straks ook voor dat van theater en dans. De muziekbibliotheek van het MCO zit ook al in de gevarenzone. Het koesteren van ons literair erfgoed staat buiten discussie. Het Letterkundig Museum verzamelt de nalatenschappen van onze schrijvers. Hoe kan het dat ons land geen waarde meer hecht aan zijn muziekgeschiedenis? Deze geschiedenis wordt geschreven door onze componisten. Zonder zorg van de overheid voor muzikaal erfgoed gaat dit verloren, ook voor toekomstige generaties.

Met de plannen van het kabinet komt de erfgoedfunctie voor muziek vanaf 2013 niet meer in aanmerking voor rijkssubsidie. De argumentatie is dat het om een gemeentelijke collectie gaat met een beperkt publieksbereik. Een deel van de collectie is inderdaad van de gemeente Den Haag. Maar een groot deel is niet van de gemeente. De gehele collectie is Nederlands erfgoed. Een deel ervan staat zelfs op de lijst van de ‘wet behoud cultuurbezit', per saldo een collectie van nationale en internationale allure en betekenis.

Dirigenten van het Koninklijk Concertgebouworkest als Riccardo Chailly en Mariss Janssons hebben hun kennis verrijkt met de partituren van hun verre voorganger Willem Mengelberg, die in dit instituut worden bewaard. Getalsmatig betekenen dit soort bezoeken van dirigenten, topspecialisten, natuurlijk weinig. Maar ze dragen wel bij aan de prestaties van ons toporkest. Het bereik ligt niet alleen bij fysieke en digitale bezoekers, maar ook bij luisteraars van concerten, radio uitzendingen of CD's, bij musici, bij lezers van publicaties. Nu en in de toekomst.

Als het uitgangspunt van het kabinet is, dat archieven en bibliotheken zoveel mogelijk worden ontzien, dat erfgoed een speerpunt is, dat internationaal of nationaal belang een voorwaarde is èn dat er een instituut is dat aan al die voorwaarden voldoet, maar dat er voor deze functie in het bestel geen plaats meer is, dan is er volgens mij iets grondig misgegaan. Ik hoop dat u dit met mij eens bent en dat u dit wilt corrigeren. Want intrekking van de rijkssteun betekent dat het Nederlands Muziek Instituut niet kan voortbestaan.

Daarna voerde Vera Beths het woord. Zij is een violiste met een internationale concertpraktijk, even vertrouwd met de Oude Muziek als met de nieuwere en nieuwste muziek, en als docent verbonden aan het Koninklijk Conservatorium.