Collectie Vlam

Ingediend door admin op zo, 04/01/2012 - 14:56

De Collectie Vlam bestaat uit 21 Nederlandse volksmuziek-handschriften uit de periode 1700-1900. Het zijn handschriften waarin violisten, fluitisten en andere speellieden het repertoire noteerden waarmee zij hun brood verdienden. Deze manuscripten vormen de belangrijkste bron van onze kennis van de populaire muziek van die tijd.

Het NMI bezit met de Collectie Vlam en drie eerder verworven handschriften 25 speelmansboeken, bijna de helft van wat er aan dit soort boekjes is overgeleverd (volgens de huidige stand van onze kennis). Andere handschriften bevinden zich verspreid over andere bibliotheken in Nederland en in particulier bezit.

NMI 4 G 87 (I)
NMI 4 G 87 (I)
(Vlam II.6)
NMI 4 G 87 (II)
NMI 4 G 87 (II)
(Vlam II.6)
nmi 4 G 88
NMI 4 G 88
(Vlam IV.1)
NMI 4 G 79
NMI 4 G 79
(Vlam IV.3)
nmi 4 G 86
NMI 4 G 86
(Vlam IV.6)
NMI 4 G 90
NMI 4 G 90
(Vlam IV.9)
nmi 4 G 81
NMI 4 G 81
(Vlam IV.11)
nmi 4 G 80
NMI 4 G 80
(Vlam IV.13)
nmi 4 G 84
NMI 4 G 84
(Vlam IV.14)
NMI 4 G 83
NMI 4 G 83
(Vlam V.1)
MII 4 G 92
NMI 4 G 92
(Vlam V.6)
NMI 4 G 93
NMI 4 G 93
(Vlam V.7)
NMI 4 G 82
NMI 4 G 82
(Vlam V.9)
NMI 4 G 89
NMI 4 G 89
(Vlam V.12)
nmi 4 G 85
NMI 4 G 85
(Vlam V.13)
NMI 4 G 94
NMI 4 G 94
(Vlam V.14)
NMI 4 N 49
NMI 4 N 49
(Vlam VI.1)
NMI 4 N 50
NMI 4 N 50
(Vlam VI.2)
nmi 4 N 51
NMI 4 N 51
(Vlam VI.3)
NMI 4 N 52
NMI 4 N 52
(Vlam VI.4)
nmi 4 N 48 (1)
NMI 4 N 48 (1)
(Vlam VIII.2(1))
nmi 4 N 48 (2)
NMI 4 N 48 (2)
(Vlam VIII.2(2))
nmi 4 N 48 (3)
NMI 4 N 48 (3)
(Vlam VIII.2(3))
nmi 4 N 48 (4)
NMI 4 N 48 (4)
(Vlam VIII.2(4))

Musicoloog Prof. Dr. Louis Grijp stelde in 2006 vast dat de cultuurhistorische waarde van de collectie Vlam onmiskenbaar is, al is het alleen maar om het aantal unieke melodieën dat de collectie bevat:

“Met de Collectie Vlam heeft het Nederlands Muziek Instituut een belangrijke verzameling speelmansboeken verworven. De oudste boekjes van Vlam dateren uit het midden van de achttiende eeuw. Het zijn twee zeer interessante schriftjes, twee partijen van een verzameling trompetduo’s. Dat is hoogst zeldzaam repertoire. De schriftjes omvatten maar liefst 140 nummers, waaronder het Wilhelmus in de vorm van de Prinsenmars, een aantal ‘Wachtels’ (kwartel-imitaties), marsen, menuetten en nog veel meer. Aan het einde staat een passend Goede nagt. Een ander belangwekkend boekje uit vermoedelijk dezelfde tijd bevat 93 melodieën, eenstemmig genoteerd en wellicht te spelen op viool, fluit of hobo. Vele titels verraden liedjes, zoals De gedagten, De hoer bij dag, De hoer bij nacht, De vrouw is de baas, De man is ‘t hooft, enz. Aan het begin zijn nog eens zo’n 40 stukjes bijgebonden, vermoedelijk aan het eind van de achttiende eeuw omdat bij een van de wijsjes de naam Paul Jonas wordt genoemd. Dat betreft de Amerikaanse kaperkapitein Paul Jones, die in 1779 in Tessel aan land ging en als een held werd onthaald – Nederlanders hielden toen niet van Engelsen en juichten de Amerikaanse onafhankelijkheidsstrijd toe.

Ook uit de achttiende eeuw dateert een kleiner handschrift voor viool of een ander melodieinstrument van ene Nicolaas Wimmes, gedateerd 1779 met 45 wijsjes, waaronder De Kijzerskroon, wederom De gedaghten en De fiere Pinksterblom.

De latere, negentiende-eeuwse boekjes vertonen steeds meer internationaal repertoire, vaak Frans getint, voor diverse instrumenten, waarbij het niet altijd mogelijk is onderscheid te maken tussen viool en bas, of piano. Het meest interessant lijkt me het handschrift met het nummer V.13. Het bevat de melodieën van 167 liederen en aria’s, waaronder een kleine honderd Nederlandse titels. Wat betreft het repertoire staat het in de traditie van de 18e eeuwse speelmansboeken.

Deze eerste verkenning is gedaan in het besef dat er nog veel onderzoek naar deze verzameling moet gebeuren om hem echt op waarde te kunnen schatten. Maar alleen al door z’n omvang is de verzameling van groot nationaal belang, al zitten er geen echte topstukken bij als de omvangrijke achttiende-eeuwse handschriften die zich in de Toonkunst-bibliotheek bevinden en aangeduid worden met Zangwijzen van Oud-Nederlandsche Volksliederen, het Musicq Boek (1740) en Volksmelodieën met 758 melodieën.

Met behulp van de Nederlandse Liederenbank, waarin melodieën zijn ontsloten van de belangrijkste elders bewaarde handschriften, kon ik vaststellen dat Vlams handschriften tal van unica bevatten, dat wil zeggen melodieën die uit geen andere bron bekend zijn. De cultuurhistorische waarde van de collectie is hiermee onmiskenbaar vastgesteld. Als Nederland zijn immateriële erfgoed serieus neemt, dient de Nederlandse wetenschap deze schat aan populaire muziek allereerst te ontsluiten en vervolgens grondig te bestuderen, in samenhang met de reeds bekende bronnen van speelmansmuziek”.